De vierde week, weldra ben ik een maand in Münster.
Het leven gaat hier snel! Te snel!
Maandag 27 oktober hadden we Erasmusfilm, in het ontmoetingscentrum “Die Brücke”. ‘Keinohrhasen’ is een echte aanrader. Daarna heb ik samen met Silke en Jonah afscheid genomen van de Send. Afscheiden nemen doe je in stijl. Daarom at ik nog een pannenkoek. Niet met Nutella zoals vrijdag, maar met Erdbeerekonfitüre. Lekker, echt lekker!
Woensdag 29 oktober. De dag waarop Stephanie Schokoladekuchen gemaakt heeft.
Het fijne eraan is, dat er de ganse dag een zalige geur in de WG hing.
Nu vraagt u zich wellicht af, waarom maakt Stephanie in godsnaam zelf chocoladecake. Wel, dat is eenvoudig. Ik kreeg bezoek. En ook bezoek ontvangen doe je in stijl. De pret kon niet op toen bleek dat Jessica ook van Orangina houdt. (Ik ken niet zo veel mensen die de Oranginaliefde met me delen)
Donderdag 30 oktober kreeg ik les van de voormalige wereldkampioen verspringen. En dat zullen mijn arme knietjes geweten hebben. Maar geef toe, het is toch wel weer iets waar ik trots op mag zijn. Hij wou me zelf nog extra les geven. Maar omdat WDR (Duitse televisiezender) naar onze wekelijkse Stammtisch kwam, kon ik niet tot het einde blijven. WDR viel tegen. Buiten de clichévraag: “Was magst du am liebsten, Studium oder Feiern?” en wat geacteer viel er niets te beleven.
Vrijdag 31 was het Halloween!
En om dat in stijl te vieren kochten Katharina en ik een Weihnachtsbaum. Onze mooie boom staat -voorlopig nog ongedecoreerd- in onze living. Ik geef toe dat ik wat vooruitloop. Maar wat wil je als je al weken geconfronteerd wordt met kerstartikelen (de adventskalender ligt al weken in mijn kast en Katharina en ik drinken ook al weken Adventsthee).
Katharina vertrok in de late namiddag naar Dortmund. Vlak voordat ze vertrok, waarschuwde ze me nog “dat het zou kunnen zijn dat er kinderen aan de deur kwamen zingen”. Dat bleef niet uit. Een half uurtje later ging de bel. Ik nam nietsvermoedend de parlefoon op met de woorden ‘Hallo,……. Hallo’. Niemand antwoordde. Wat bleek. De kleine spookjes stonden al boven aan de deur te griezelen. Zingen deden ze echter niet. Een zinnetje volstond om je te verplichten hun snoepmand te vullen. Praktisch heel mijn zak Erdgenüsse eraan.
’s Avonds ging ik richting Gescherweg. De studentenwoonplaats in Gievenbeck. Een Halloween feestje met Ests eten. De muziek was niet echt mijn stijl, maar het gezelschap des te meer.
Het enigste nadeel van een kamer in Gescherweg is de badkamer. Ik vond dat het leek op een toilet in een vliegtuig. Nadat Olivia eens goed gelachen had, moest ze haar mening bijstellen nadat Jonah dezelfde mening toegedaan was. De badkamer is helemaal wit, bestaat uit plastieken muren en de douche staat op het zelfde niveau als het toilet. Komsich komisch komisch.
Zaterdag 1 november.
De geur van Schokoladekuchengeur komt me tegemoet. Dat gebeurt als ik de kamer van Kirsten betreedt. Omdat Kirsten ook weet hoe ze vrienden in stijl moet ontvangen, heeft ze ook Schokoladekuchen gemaakt.
Kirsten woont ook in Gievenbeck, dus dat is wel een meevaller. Ze woont in een zeer mooi Studentenhuis. Iedereen heeft zijn eigen kamer. Dan is een gangetje naar een andere kamer. In dat gangetje zijn een keuken een badkamer aanwezig. Het is dus een mini-WG’tje.
Zondag 2 november ben ik samen met Jonah, Silke en Noorra Bremen gaan bezoeken.
We vertrokken om zeven uur in Münster, moesten een uur wachten in Osnabrück, om aldaar om negen uur de trein te nemen naar Bremen. Bremen maakt zijn naam waard! Toen we uit het station kwamen zagen we kermis. Onze oogjes begonnen te glinsteren, de Send van vorige week lag nog fris in ons geheugen. Toen zagen we een bordje richting centrum, na enige minuten kwamen we terug aan het station uit. Deze keer aan de voorkant. We passeerden de wallen, werden door Silke getrakteerd op chocoladecake, en toen kwamen we aan in het centrum. Daar vond een historische markt plaats. En weeral kermis. Het Rathaus was mooi, de typische huisjes waren mooi, de Dom was mooi. Omdat de Dom pas ’s namiddags open was, besloten we eerst alle andere bezienswaardigheden. Onder bezienswaardigheden rekenen we ook de kerstwinkeltjes. Want daar zijn er hopen van in Bremen. ’s Middags hebben we lekker gegeten. Daarna hebben we de Dom bezocht en de toren beklommen. Toen we weer beneden kwamen had de schemering al ingezet. Dan komt de charme van de stad nog meer tot zijn recht.
Maandag en dinsdag zitten in de rand van mijn geheugen. We kunnen er dus van uitgaan dat er toen niet veel gebeurd is.
Niet dat er op woensdag 5 november veel gebeurd is. Ik heb me heel de dag bezig gehouden met het doorsturen van een filmpje naar België ter gelegenheid van papa zijn verjaardag.
Het filmpje had ik dinsdagavond met behulp van Katharina gemaakt. “Wie schön, dass du geboren bist, wir hätten dich sonst sehr vermisst”. So süβ.
‚s Avonds heb ik samen met Jessica een stadwandeling gemaakt. Ik heb plekjes ontdekt waar ik voordien nog niet geweest was. De wandeling hebben we afgesloten in een Marokkaans caféetje. Onze bedoeling was om chocomelk met Schokoladekuchen te eten. We waren maar wat blij, dat toen we binnenkwamen er nog net twee stukjes cake lagen te pronken. Onze vreugde verdween toen de uitbater ons vertelde dat die stukjes daar gewoon maar lagen om te liggen. Ze waren namelijk al twee dagen oud en niet meer te eten.
We hielden het dan maar wijs bij een chocolademelk. We hebben uren gebabbeld. Over een gigantisch idee: Stephanie wil Christa Wolf ontmoeten. Ik kom elke dag dichter bij mijn doel.
Donderdag was het weer tijd voor Afrikaans.
Weer kreeg ik te kampen met een tegenstelling. De inzet van de Duitse studenten kan niet echt wedijveren met de Belgische.
Hun intellectuele inzet mag dan niet hoog zijn, hun sportieve inzet maakt dat meer dan goed. Ik besloot deze keer niet ver te springen (ik wou mijn knieën sparen). Spurten lukt niet wegens te traag. Dus werd het Zirkel. Uithoudingsvermogen trainen. Het is moordend! Maar Tia, Arne, Christina en ik slaagden erin de oefeningen tot een goed eind te brengen. We deden er zelfs nog een schepje bovenop door meer dan nodig te oefenen met een Medizinball.
Ik kwam moe maar tevreden thuis en kon dromen van het weekend.
Nadat ik vrijdagmiddag nog maar eens pannenkoeken gegeten had (dat had ik namelijk donderdag ook. Het enigste verschil is dat ik deze keer gezelschap had) vertrok ik met de trein naar Bielefeld. Omdat Duitse percepties de Belgische niet zijn: Bielefeld ligt vlakbij. Dat betekent dus ‘maar’ anderhalf uur trein.
Maar het was het allemaal waard. Samen met Nico, Kathrin en Melina zette ik de avond in met een cocktail (het was happy hour).
Toen waren we helemaal in de sfeer. Voor ik het wist was onze groepje uitgebreid met Chris. Chris? ‘Die Chris’ vraag ik verbaasd? Chris ken ik namelijk nog van Polen. En dat was nog maar het begin. Toen we m’n spullen in de auto gezet hadden, trokken we naar Stereo. Voor twaalf uur is de inkom drie euro en krijg je nog een drankje gratis. Wij dus snel een stempel halen en weer buiten. Melina en Chris gingen voordrinken. Kathrin, Nico en ik zochten een rustige Kneipe op. Kathrin was namelijk met de auto. En de Duitse wet legt haar een absoluut drankverbod op. Maar dat kon de pret niet bederven.
Tegen half één gingen we de Stereo binnen. Zo iets vind je niet in België. (Gniffel gniffel)
En in de disco kwam ik Johannis uit Polen tegen. Omdat de muziek na een tijdje begon tegen de steken besloten we naar een andere disco te gaan (die was ‘umsonst’). Vermits we elke keer onze identiteitskaart moeten tonen, is het elke keer verwarring alom als ze een kleine kaart onder ogen krijgen. Maar deze bewaker was extreem. “Hé collega, heb jij al ooit een Belgische identiteitskaart gezien?” “Nee, geef eens hier”. En toen de apotheose. Achter mij gilde een meisje “Stephanieeeeeeeeeeeeee”. Ik draaide me om en keek recht in de ogen van Anna-Lena. Het meisje dat drie jaar geleden een week bij me gelogeerd heeft. De week niet uitgedaan heeft omdat ze zich niet thuisvoelde, zich hysterisch gedragen heeft… Nu ben ik niet de enigste die Anna-Lena niet afkan, Nico kon me niet snel genoeg in het feestgedruis duwen. We hebben ze niet meer terug gezien. Wel kwam ik tijdens het dansen nog een andere Comeniusbekende tegen.
De Europlatz en bijhorende straat kan je een beetje vergelijken met het Sony-center in Berlijn. Eén straat vol met caféétjes, disco’s en een cinemacomplex. De straat ligt vlak aan het station dus echt praktisch. De rest van Bielefeld kon me minder bekoren.
Zaterdagmiddag zag ik mama en papa Spindeldreier terug.
De rest van het weekend verliep rustig.
Maandag 10 november
Het was weer tijd voor de Nederlandse les. Nogmaals vertelde de prof iedereen die het horen wilde, wat voor een geweldig Referaatsthema Stephanie toch wel gekozen heeft. En dat hulp altijd welkom is. Niemand reageerde, dus weer een tevergeefse poging. Onder het motto ‘Wat je zelf doet, doe je beter’ werk ik dan verder aan mijn referaat.
Dinsdag de 11.
Bij ons een feestdag, hier om begrijpelijke reden niet. Maar sommige studenten van de Übung op maandag wisten toch op de één of andere manier dat er in België geen Uni was. Dus dan mocht ik het wel uitleggen. Maar ook de eigentijdse Duitse student draagt de sporen van de oorlog mee. Na een pijnlijke stilte en een verontschuldiging (waar ik dan kordaat op antwoord: du kannst auch nichts dafür) babbelen we verder.
Voor het Seminar ‘Wendeliteratur’ had ik een afspraak met de prof. Ze was ‘sehr gespannt’ over welk onderwerp ik zou voorstellen. Mijn voorstel werd goedgekeurd. Ik ga twee auteurs vergelijken. Voor de kenners: Maron vs Schuhman.
Verder ben ik ook naar de stadsbibliotheek geweest. Het boek dat ik moet bespreken voor mijn Bachelorpaper hebben ze namelijk niet in de universiteitsbibliotheek. Dat bezoek zal ik niet snel vergeten. Omdat in de catalogus geen specifieke plaats vermeld stond, moest ik de mensen om hulp vragen. Nadat me klaar en duidelijk was uitgelegd (en getoond) dat ik het boek bij ‘Biographie’ moest vinden, begon de zoektocht. Want de boeken van het onderwerp ‘Biographie’ staan spijtig genoeg niet alfabetisch gerangschikt. Dat de bib niet over al te veel boeken van dit genre bezit, kon ik alleen maar toejuichen. Na drie kasten doorzocht te hebben vond ik het boek van Bisky. Toen kwam de tweede hindernis. Het boek uitlenen. Daarvoor had ik namelijk een bewijs van mijn woonplaats in Münster nodig. Ik kon alleen maar zeggen dat ik aangemeld was bij de stad, maar een bewijs daarvan had ik niet op zak (ook mijn Mietvertrag behoort niet tot dingen die als vaste inhoud van mijn handtas mogen beschouwd worden). Ik werd doorgestuurd naar een hogere instantie. Die mevrouw had begrip voor mijn situatie ‘achja, niet iedereen loopt dagelijks met zijn Mietvertrag over de straat’. Dan vroeg ze mijn Personalausweis. Maar ook dat liep niet van een leien dakje. Want op de Belgische identiteitskaarten staat je adres niet vermeld. Maar deze keer had ik geluk. Tot een paar jaar geleden was je in België verplicht om een extra papier bij je te hebben met bijkomende gegevens op. Dit papier is nu overbodig omdat bijna elke instantie over een inleesaparaat voor paspoorten beschikt.
Dat papier was een officieel bewijs van mijn woonplaats. En dat volstond. Dan moest ik nog even de keuze maken, of ik mijn voornaam wou laten noteren als ‘Stephanie’ of als ‘Stephanie Marijke’. Toen dat alles klaar was, en ik vijf euro betaald had (ik heb het Kennlernangebot genomen) ging het richting uitleenbalie. Daar was een heuse file te signaleren. In Duitsland mag je blijkbaar massa’s uitlenen. Niet alleen boeken, cd’s en dvd’s maar ook gezelschapsspelletjes. Na een kwartier was het mijn beurt. Snel klaar en naar buiten. Ondertussen was het al donker geworden maar dat kon mijn stadstrip niet dempen. Ik moest en zou een cadeau voor papa vinden. Nadat ik dat gevonden had was het tijd voor de volgende les.
In de les gebeurde niets bijzonders, daarna des te meer.
Ik ben namelijk de verkeerslichten in MS grondig beu. De fietstrip duurt niet lang, het zijn de lichten die de tijd doen toenemen. Dus wat doe je dan? Je neemt al dan niet legale binnenwegen. En toen liep het mis. Het was donker, en er stonden paaltjes. Ik slalomde behendig tussen de paaltjes door. Maar wat ik niet gezien had, is dat er een ketting tussen de paaltjes gespannen was. Ik kwam niet ten val. Mijn fietsmand en mijn rugzak (met breekbare inhoud) wel. Het was echt spectaculair. Mijn rugzak werd de hoogte in gekatapulteerd. Maar wonder boven wonder is het breekbare cadeau nog steeds breekbaar en dus niet kapot.
Woensdag 12 november.
Ik begin de dag met een stevige jogging. Het is zalig weer en ik kan niet lang genoeg blijven lopen. Daarna gaat het richting Haus der Niederlande. Ik heb een afspraak met de prof om over mijn referaat te praten.
Het was wel nuttig, ik was namelijk niet zo bezig als de prof het verwachtte.
Hij vond het ook jammer dat ik niet in de groep geïntegreerd geraakte. Hij wil er dan ook alles aan doen om me in de groep te laten opnemen.
Mij stoort het niet zo. Ik heb tijdens de lessen inderdaad niet zo veel contact, maar in de andere lessen wel dus dat compenseert.
Daarna was het tijd voor de wekelijkse markt. Tijd voor biologische frietjes en snoepjes. Ik deed mijn best om het in goed Duits te vragen, even later kwam ik erachter dat de markkramer Nederlands sprak. Daarna ben ik het Binnenhof van de Dom gaan bezoeken.







