Schokoladekuchen

november 12, 2008

De vierde week, weldra ben ik een maand in Münster.

Het leven gaat hier snel!  Te snel!

Maandag 27 oktober hadden we Erasmusfilm, in het ontmoetingscentrum “Die Brücke”.  ‘Keinohrhasen’ is een echte aanrader.  Daarna heb ik samen met Silke en Jonah afscheid genomen van de Send.  Afscheiden nemen doe je in stijl.  Daarom at ik nog een pannenkoek.  Niet met Nutella zoals vrijdag, maar met Erdbeerekonfitüre.  Lekker, echt lekker!

Woensdag 29 oktober.  De dag waarop Stephanie Schokoladekuchen gemaakt heeft.

Het fijne eraan is, dat er de ganse dag een zalige geur in de WG hing.

Nu vraagt u zich wellicht af, waarom maakt Stephanie in godsnaam zelf chocoladecake.  Wel, dat is eenvoudig.  Ik kreeg bezoek.  En ook bezoek ontvangen doe je in stijl.  De pret kon niet op toen bleek dat Jessica ook van Orangina houdt.  (Ik ken niet zo veel mensen die de Oranginaliefde met me delen)

 

Donderdag 30 oktober kreeg ik les van de voormalige wereldkampioen verspringen.  En dat zullen mijn arme knietjes geweten hebben.  Maar geef toe, het is toch wel weer iets waar ik trots op mag zijn.  Hij wou me zelf nog extra les geven.  Maar omdat WDR (Duitse televisiezender) naar onze wekelijkse Stammtisch kwam, kon ik niet tot het einde blijven.  WDR viel tegen.  Buiten de clichévraag: “Was magst du am liebsten, Studium oder Feiern?” en wat geacteer viel er niets te beleven.

 

Vrijdag 31 was het Halloween!

En om dat in stijl te vieren kochten Katharina en ik een Weihnachtsbaum.  Onze mooie boom staat -voorlopig nog ongedecoreerd- in onze living.  Ik geef toe dat ik wat vooruitloop.  Maar wat wil je als je al weken geconfronteerd wordt met kerstartikelen (de adventskalender ligt al weken in mijn kast en Katharina en ik drinken ook al weken Adventsthee).

Katharina vertrok in de late namiddag naar Dortmund.  Vlak voordat ze vertrok, waarschuwde ze me nog “dat het zou kunnen zijn dat er kinderen aan de deur kwamen zingen”.  Dat bleef niet uit.  Een half uurtje later ging de bel.  Ik nam nietsvermoedend de parlefoon op met de woorden ‘Hallo,……. Hallo’.  Niemand antwoordde.  Wat bleek.  De kleine spookjes stonden al boven aan de deur te griezelen.  Zingen deden ze echter niet.  Een zinnetje volstond om je te verplichten hun snoepmand te vullen.  Praktisch heel mijn zak Erdgenüsse eraan. 

’s Avonds ging ik richting Gescherweg.  De studentenwoonplaats in Gievenbeck.  Een Halloween feestje met Ests eten.  De muziek was niet echt mijn stijl, maar het gezelschap des te meer. 

Het enigste nadeel van een kamer in Gescherweg is de badkamer.  Ik vond dat het leek op een toilet in een vliegtuig.  Nadat Olivia eens goed gelachen had, moest ze haar mening bijstellen nadat Jonah dezelfde mening toegedaan was.  De badkamer is helemaal wit, bestaat uit plastieken muren en de douche staat op het zelfde niveau als het toilet.  Komsich komisch komisch.

 

Zaterdag 1 november.

De geur van Schokoladekuchengeur komt me tegemoet.  Dat gebeurt als ik de kamer van Kirsten betreedt.  Omdat Kirsten ook weet hoe ze vrienden in stijl moet ontvangen, heeft ze ook Schokoladekuchen gemaakt.

Kirsten woont ook in Gievenbeck, dus dat is wel een meevaller.  Ze woont in een zeer mooi Studentenhuis.  Iedereen heeft zijn eigen kamer.  Dan is een gangetje naar een andere kamer.  In dat gangetje zijn een keuken een badkamer aanwezig.  Het is dus een mini-WG’tje.

 

 

 

 

 

Zondag 2 november ben ik samen met Jonah, Silke en Noorra Bremen gaan bezoeken.

We vertrokken om zeven uur in Münster, moesten een uur wachten in Osnabrück, om aldaar om negen uur de trein te nemen naar Bremen.  Bremen maakt zijn naam waard!  Toen we uit het station kwamen zagen we kermis.  Onze oogjes begonnen te glinsteren, de Send van vorige week lag nog fris in ons geheugen.  Toen zagen we een bordje richting centrum, na enige minuten kwamen we terug aan het station uit.  Deze keer aan de voorkant.  We passeerden de wallen, werden door Silke getrakteerd op chocoladecake, en toen kwamen we aan in het centrum.  Daar vond een historische markt plaats.  En weeral kermis.  Het Rathaus was mooi, de typische huisjes waren mooi, de Dom was mooi.  Omdat de Dom pas ’s namiddags open was, besloten we eerst alle andere bezienswaardigheden.  Onder bezienswaardigheden rekenen we ook de kerstwinkeltjes.  Want daar zijn er hopen van in Bremen.  ’s Middags hebben we lekker gegeten.  Daarna hebben we de Dom bezocht en de toren beklommen.  Toen we weer beneden kwamen had de schemering al ingezet.  Dan komt de charme van de stad nog meer tot zijn recht. 

 

Maandag en dinsdag zitten in de rand van mijn geheugen.  We kunnen er dus van uitgaan dat er toen niet veel gebeurd is.

 

Niet dat er op woensdag 5 november veel gebeurd is.  Ik heb me heel de dag bezig gehouden met het doorsturen van een filmpje naar België ter gelegenheid van papa zijn verjaardag.

Het filmpje had ik dinsdagavond met behulp van Katharina gemaakt.  “Wie schön, dass du geboren bist, wir hätten dich sonst sehr vermisst”.  So süβ.

‚s Avonds heb ik samen met Jessica een stadwandeling gemaakt.  Ik heb plekjes ontdekt waar ik voordien nog niet geweest was.  De wandeling hebben we afgesloten in een Marokkaans caféetje.  Onze bedoeling was om chocomelk met Schokoladekuchen te eten.  We waren maar wat blij, dat toen we binnenkwamen er nog net twee stukjes cake lagen te pronken.  Onze vreugde verdween toen de uitbater ons vertelde dat die stukjes daar gewoon maar lagen om te liggen.  Ze waren namelijk al twee dagen oud en niet meer te eten.

We hielden het dan maar wijs bij een chocolademelk.  We hebben uren gebabbeld.  Over een gigantisch idee: Stephanie wil Christa Wolf ontmoeten.  Ik kom elke dag dichter bij mijn doel.

 

Donderdag was het weer tijd voor Afrikaans.

Weer kreeg ik te kampen met een tegenstelling.  De inzet van de Duitse studenten kan niet echt wedijveren met de Belgische. 

Hun intellectuele inzet mag dan niet hoog zijn, hun sportieve inzet maakt dat meer dan goed.  Ik besloot deze keer niet ver te springen (ik wou mijn knieën sparen).  Spurten lukt niet wegens te traag.  Dus werd het Zirkel.  Uithoudingsvermogen trainen.  Het is moordend!  Maar Tia, Arne, Christina en ik slaagden erin de oefeningen tot een goed eind te brengen.  We deden er zelfs nog een schepje bovenop door meer dan nodig te oefenen met een Medizinball.

Ik kwam moe maar tevreden thuis en kon dromen van het weekend.

 

Nadat ik vrijdagmiddag nog maar eens pannenkoeken gegeten had (dat had ik namelijk donderdag ook.  Het enigste verschil is dat ik deze keer gezelschap had) vertrok ik met de trein naar Bielefeld.  Omdat Duitse percepties de Belgische niet zijn:  Bielefeld ligt vlakbij.  Dat betekent dus ‘maar’ anderhalf uur trein.

Maar het was het allemaal waard.  Samen met Nico, Kathrin en Melina zette ik de avond in met een cocktail (het was happy hour).

Toen waren we helemaal in de sfeer.  Voor ik het wist was onze groepje uitgebreid met Chris.  Chris?  ‘Die Chris’ vraag ik verbaasd?  Chris ken ik namelijk nog van Polen.  En dat was nog maar het begin.  Toen we m’n spullen in de auto gezet hadden, trokken we naar Stereo.  Voor twaalf uur is de inkom drie euro en krijg je nog een drankje gratis.  Wij dus snel een stempel halen en weer buiten.  Melina en Chris gingen voordrinken.  Kathrin, Nico en ik zochten een rustige Kneipe op.  Kathrin was namelijk met de auto.  En de Duitse wet legt haar een absoluut drankverbod op.  Maar dat kon de pret niet bederven.

Tegen half één gingen we de Stereo binnen.  Zo iets vind je niet in België.  (Gniffel gniffel)

En in de disco kwam ik Johannis uit Polen tegen.  Omdat de muziek na een tijdje begon tegen de steken besloten we naar een andere disco te gaan (die was ‘umsonst’).  Vermits we elke keer onze identiteitskaart moeten tonen, is het elke keer verwarring alom als ze een kleine kaart onder ogen krijgen.  Maar deze bewaker was extreem.  “Hé collega, heb jij al ooit een Belgische identiteitskaart gezien?”  “Nee, geef eens hier”.  En toen de apotheose.  Achter mij gilde een meisje “Stephanieeeeeeeeeeeeee”.  Ik draaide me om en keek recht in de ogen van Anna-Lena.  Het meisje dat drie jaar geleden een week bij me gelogeerd heeft.  De week niet uitgedaan heeft omdat ze zich niet thuisvoelde, zich hysterisch gedragen heeft…  Nu ben ik niet de enigste die Anna-Lena niet afkan, Nico kon me niet snel genoeg in het feestgedruis duwen.  We hebben ze niet meer terug gezien.  Wel kwam ik tijdens het dansen nog een andere Comeniusbekende tegen.

De Europlatz en bijhorende straat kan je een beetje vergelijken met het Sony-center in Berlijn.  Eén straat vol met caféétjes, disco’s en een cinemacomplex.  De straat ligt vlak aan het station dus echt praktisch.  De rest van Bielefeld kon me minder bekoren.

Zaterdagmiddag zag ik mama en papa Spindeldreier terug. 

De rest van het weekend verliep rustig.

 

Maandag 10 november

Het was weer tijd voor de Nederlandse les.  Nogmaals vertelde de prof iedereen die het horen wilde, wat voor een geweldig Referaatsthema Stephanie toch wel gekozen heeft.  En dat hulp altijd welkom is.  Niemand reageerde, dus weer een tevergeefse poging.  Onder het motto ‘Wat je zelf doet, doe je beter’ werk ik dan verder aan mijn referaat.

 

Dinsdag de 11.

Bij ons een feestdag, hier om begrijpelijke reden niet.  Maar sommige studenten van de Übung op maandag wisten toch op de één of andere manier dat er in België geen Uni was.  Dus dan mocht ik het wel uitleggen.  Maar ook de eigentijdse Duitse student draagt de sporen van de oorlog mee.  Na een pijnlijke stilte en een verontschuldiging (waar ik dan kordaat op antwoord: du kannst auch nichts dafür) babbelen we verder.

Voor het Seminar ‘Wendeliteratur’ had ik een afspraak met de prof.  Ze was ‘sehr gespannt’ over welk onderwerp ik zou voorstellen.  Mijn voorstel werd goedgekeurd.  Ik ga twee auteurs vergelijken.  Voor de kenners: Maron vs Schuhman.

Verder ben ik ook naar de stadsbibliotheek geweest.  Het boek dat ik moet bespreken voor mijn Bachelorpaper hebben ze namelijk niet in de universiteitsbibliotheek.  Dat bezoek zal ik niet snel vergeten.  Omdat in de catalogus geen specifieke plaats vermeld stond, moest ik de mensen om hulp vragen.  Nadat me klaar en duidelijk was uitgelegd (en getoond) dat ik het boek bij ‘Biographie’ moest vinden, begon de zoektocht.  Want de boeken van het onderwerp ‘Biographie’ staan spijtig genoeg niet alfabetisch gerangschikt.  Dat de bib niet over al te veel boeken van dit genre bezit, kon ik alleen maar toejuichen.  Na drie kasten doorzocht te hebben vond ik het boek van Bisky.  Toen kwam de tweede hindernis.  Het boek uitlenen.  Daarvoor had ik namelijk een bewijs van mijn woonplaats in Münster nodig.  Ik kon alleen maar zeggen dat ik aangemeld was bij de stad, maar een bewijs daarvan had ik niet op zak (ook mijn Mietvertrag behoort niet tot dingen die als vaste inhoud van mijn handtas mogen beschouwd worden).  Ik werd doorgestuurd naar een hogere instantie.  Die mevrouw had begrip voor mijn situatie ‘achja, niet iedereen loopt dagelijks met zijn Mietvertrag over de straat’.  Dan vroeg ze mijn Personalausweis.  Maar ook dat liep niet van een leien dakje.  Want op de Belgische identiteitskaarten staat je adres niet vermeld.  Maar deze keer had ik geluk.  Tot een paar jaar geleden was je in België verplicht om een extra papier bij je te hebben met bijkomende gegevens op.  Dit papier is nu overbodig omdat bijna elke instantie over een inleesaparaat voor paspoorten beschikt. 

Dat papier was een officieel bewijs van mijn woonplaats.  En dat volstond.  Dan moest ik nog even de keuze maken, of ik mijn voornaam wou laten noteren als ‘Stephanie’ of als ‘Stephanie Marijke’.  Toen dat alles klaar was, en ik vijf euro betaald had (ik heb het Kennlernangebot genomen) ging het richting uitleenbalie.  Daar was een heuse file te signaleren.  In Duitsland mag je blijkbaar massa’s uitlenen.  Niet alleen boeken, cd’s en dvd’s maar ook gezelschapsspelletjes.  Na een kwartier was het mijn beurt.  Snel klaar en naar buiten.  Ondertussen was het al donker geworden maar dat kon mijn stadstrip niet dempen.  Ik moest en zou een cadeau voor papa vinden.  Nadat ik dat gevonden had was het tijd voor de volgende les.

In de les gebeurde niets bijzonders, daarna des te meer.

Ik ben namelijk de verkeerslichten in MS grondig beu.  De fietstrip duurt niet lang, het zijn de lichten die de tijd doen toenemen.  Dus wat doe je dan?  Je neemt al dan niet legale binnenwegen.  En toen liep het mis.  Het was donker, en er stonden paaltjes.  Ik slalomde behendig tussen de paaltjes door.  Maar wat ik niet gezien had, is dat er een ketting tussen de paaltjes gespannen was.  Ik kwam niet ten val.  Mijn fietsmand en mijn rugzak (met breekbare inhoud) wel.  Het was echt spectaculair.  Mijn rugzak werd de hoogte in gekatapulteerd.  Maar wonder boven wonder is het breekbare cadeau nog steeds breekbaar en dus niet kapot.

 

Woensdag 12 november.

Ik begin de dag met een stevige jogging.  Het is zalig weer en ik kan niet lang genoeg blijven lopen.  Daarna gaat het richting Haus der Niederlande.  Ik heb een afspraak met de prof om over mijn referaat te praten.

Het was wel nuttig, ik was namelijk niet zo bezig als de prof het verwachtte.

Hij vond het ook jammer dat ik niet in de groep geïntegreerd geraakte.  Hij wil er dan ook alles aan doen om me in de groep te laten opnemen.

Mij stoort het niet zo.  Ik heb tijdens de lessen inderdaad niet zo veel contact, maar in de andere lessen wel dus dat compenseert.

Daarna was het tijd voor de wekelijkse markt.  Tijd voor biologische frietjes en snoepjes.  Ik deed mijn best om het in goed Duits te vragen, even later kwam ik erachter dat de markkramer Nederlands sprak.  Daarna ben ik het Binnenhof van de Dom gaan bezoeken.

 

 

Send

oktober 26, 2008

Zaterdag 18 oktober
Het badmintonnen ging goed.  Ik kamp wel met pijn.  Overal pijn.  Maar sporten geeft zo een voldoening dus de pijn nemen we er maar bij.
Vandaag ben ik naar de winkel geweest.  Een zwarte dag voor mijn bankrekening.  Of om het juist te formuleren: voor de bankrekening van mijn ouders.  Het is me een raadsel hoe ik zoveel heb kunnen kopen.  Goed nieuws is wel dat ik een heuse voorraad aangelegd heb. 
Wat me ook opgevallen is, is dat inkopen tijd kost.  Tijd die ik nu nog wel heb, maar over een paar weken zeker niet meer.  Misschien kan iemand anders sneller inkopen doen, maar ik heb me gedragen als een echte huisvrouw.  Das heisst: elke groente nauwkeurig bestudeerd alvorens mijn uitverkorene in het mandje te leggen.  Maar ik geef het toe: ik was helemaal in mijn nopjes!
Pech had ik wel aan de kassa van de Rewe.  Ik was de X ste bezoeker.  En dan controleren ze of je wel de rechtmatige eigenaar bent van de bankkaart en zovoort.  Ik mocht mijn identiteitskaart tonen onder de belangstellende blikken van de mensen achter me.  Ik kwam waarempel uit België.  En laat dat nu net een zeer ver land zijn.  Ik moest nog even mijn handtekening zetten en klaar was ik.
Om vervolgens thuis alles in de berging te stoppen.  Ook Katharina (Mitbewohnerin) was onder de indruk.  We kunnen er alletwee maar wel mee varen.
Toen was het tijd voor een uitgebreide brunch.  Brood met Nutella, een chocoladecroissant, chocolademelk, thee, fruitsap, druiven, een banaan,…
‘s Namiddags heb ik me weer volledig op het lezen gestort.

Zondag 19 oktober was toeristendag.
Olivia, Jonah, Stefanie, Ivo & Ik vertrokken naar Osnabrück.  Wegens iets te weinig slaap hadden Stefania en Ivo het moeilijk helemaal bij de les te blijven (Stephanie had namelijk een heuse voorbereiding getroffen: kaart, bezienswaardigheden, volgorde).  We bezochten het Schloss, een kerk, oorlogsstandbeelden.  Rond het middaguur begonnen onze magen te rammelen.  Op zondag is er niet zo veel culinaire activiteit in Osnabrück.  We kwamen in de Pizza Hut terecht alwaar we allemaal een lekkere pizza aten.  Daarna bezochten we de Dom.  Toen we aan het Rathaus kwamen werd het duidelijk dat de groep zich splitsen zou.
Na het vroegtijdig afscheid van Olvia, Stefania en Ivo bleven Jonah en ik over.  De echte toeristen dus!  We beklommen de stadwal, bekeken speciale huisjes én aten een ijsje. 

Maandag 20 oktober.
Tijd voor mijn eerste les Nederlands.  Ik vond de les wel wat moeilijk.  Het is namelijk vreemd om je Muttersprache, als Fremdsprache onderricht te krijgen.  We kregen een blad met daarop een veertigtal woorden.  We moesten dan beoordelen of we te maken hadden met een correct Nederlands woord of niet.  Ik wist niet dat ‘koelkastsmeerbaar’ een correct Nederlands woord was, hoe moeten mij medestudenten dat dan weten? Ik moet wel toegeven dat de meeste van mijn klasgenoten zeer goed Nederlands spreken.
Voor dat vak krijg ik wel bakken werk.  Een Hausarbeit, een Referat en een ‘mündliche Prüfung’.
De Übung Autobiographie was zeer intensief maar leerrijk.  Er werden drie referaten gehouden.  Ik moest me volledig concentreren om het eerste meisje te verstaan.  Het is een unicum, zo snel heb ik nog nooit iemand horen praten!

Dinsdag 22 oktober, Gleis 22 …  Erasmusparty!
Ingrediënten: (Erasmus) Leute, muziek en drank.  Drank best ok maar de Pfand!  Ik ben nu wel volledig tegen Pfand.  Ik kan er nog enigszins inkomen dat men Pfand heft op flessen die men in de winkel koopt.  Maar dat het systeem ook werkt tijdens een party is er wel wat te veel aan.  Maar goed, alles went.  En dat water in Duitsland ook in de praktijk een mensenrecht is, weet ik nu ook.  Dat vind ik wel hartverwarmend. 

Woensdga 23 oktober, 11.35.
Ik klop op de deur van mevrouw Dahms, de professor die het Seminar ‘Wendeliteratur’ doceert.
Ik wou graag weten over welk onderwerp ik mijn Bachelorpaper zou kunnen maken.  Maar ik ben vooruitstrevend.  Binnen een paar weken moet ik nog eens terugkomen.  En nu komen we op het punt waar ik me dood aan erger: ik moet veel taken maken maar ik kan er nog niet aan beginnen.  Wetende dat je binnen een paar weken bedolven wordt onder het werk, en je nu doodleuk de hele dag voor de tv kan hangen, werkt op mijn systeem.  Gelukkig heb ik nog werk voor Leuven. 
Ik heb hier al heel wat sporten beoefend, het zwemmen nog niet.  Maar ook daar is verandering in gekomen.  Stephanie is om vijf u samen met Silke het zwembad ingedaald (via het trapje).  Druk, stampen in je buik.  Maar de heerlijke vrijheid in het water!  Na m’n haren wat gemodelleerd te hebben vertrok ik naar Jessica, mijn Sprachtandempartner.   Als twee meisjes samenzitten vliegt te tijd.
Het is fijn om te merken dat m’n Duits op een hoger niveau terechtgekomen is.  Ik ga er alles aan doen om dat zo te houden.

Donderdag 23 oktober.
Afrikaans: is nicht so moeilyk ni?  Misschien niet voor mijn medestudenten die geen examen hebben.  Maar ik ben spijtig genoeg niets met een Schein.  En dat betekent examen doen.
Maar dat betekent een uitdaging.  De taal lijkt op het Nederlands.  Zo sterk zelfs dat het mogelijk is praktisch elk woord te begrijpen.  Maar daar zit dan ook weer het gevaar.  Want laat het duidelijk zijn: de taal LIJKT op het Nederlands.  Het Afrikaans kent een dubbele negatie, kent geen infinitieven, kent maar een paar werkwoordsvervoegingen.  De grammatica is één kant, de uitspraak een andere.  Hopelijk gaat mijn examen vooral over het Afrikaans, en niet zozeer in het Afrikaans.  Maar ik ben gemotiveerd, dus ik zie het helemaal zitten.  Klein minpuntje is dat het ‘s morgens om acht uur.  Voordeel is dan weer dat we nauwelijks met twintig zijn. 
Na de les had ik een afspraak met de docent van de Übung Autobiographie.  Hij vindt het zo erg voor me dat ik geen twee Semesters blijven kan, en dat ik ook nog eens in februari al terug in België moet zijn, vindt hij ronduit afschuwelijk voor me.  Dat zijn de mensen waar Erasmusstudenten op zitten te wachten.  Volgende week maandag deelt hij me het onderwerp van mijn taak mee en kan ik aan de slag!
Donderdagavond is sportavond.  Ik heb hoog gesprongen!  Mijn techniek is goed.  Ik moet nog wat leren meer ‘in die Kurve zu laufen’.  Belangrijk is dat ik ‘mit Technik, und nicht mit Gewalt’ spring.  Maar volgens Klaas (de trainer) komt het allemaal in orde.  Vermits niemand Tia Hellebaut kent, sta ik hier bekend als de beste Belgische hoogsspringster.  Als er geen sprake is van concurrentie is dat ook niet moeilijk, maar geef toe.  Het is best fijn.  O ja!  Mijn Duits blijft als een trein lopen :) .
Na het sporten ging ik naar de Stammtisch.  Elke week gaan er meer mensen naar de Boeselagerstrasse (straat met honderde Erasmuskoten) en minder naar de Limone.  Maar diegene die er waren, hadden een fijne tijd.

Vrijdag 24 oktober.
Het sporten vandaag was niet geweldig, wegens het hebben van een tegenstander die nog maar een paar uur een racket vast gehad heeft.  Ach, als ik me zeker genoeg gevoeld had, had ik tegen de trainer kunnen zeggen dat ik liever een andere partner had.  Vermits het nog een week duurt eer ik nog eens badmintontraining heb, kan ik een hele week oefenen op die paar zinnen.
Sinds gisteren hangt er een eetgeur in de stad.  Het is namelijk Send.  Kermis!  Om negen uur ‘s avonds weerklonk er vuurwerk.  De lucht kleurde.  Ik kwam, zag en vond het geweldig. 
Samen met Silke, Jonah & Jessica liet ik me betoveren door de duizende lampjes.  Omdat Send vooral veel eten betekent, at ik een pannekoek (met Nutella!) en pommes frites.  Ik mis de Belgische frietjes dag na dag meer en meer!

Zaterdag 25 oktober, nog twee maanden en het is Kerstmis.
De familie kwam op bezoek!  Ze hadden heel wat spulletjes mee die ik niet dacht nodig te hebben in Münster, maar later dan weer wel: mijn spikes, mijn badmintonschoenen,…
We zijn de stad ingetrokken, hebben in de Vapiano gegeten (tot tevredenheid van heel de familie).  Tante had het shoppen op zich en wou per se de Sinnleffers binnen.   We zijn ook even op de Send geweest alwaar ik aardbeien in chocoladesaus gegeten heb. (En raar maar waar: de allergische reactie blijft -voorlopig- uit).
Moe maar tevreden namen we ‘s avonds terug afscheid.
Vooraleer ik mijn bed dook heb ik nog naar “Schindlers Liste” gekeken. 

Zondag 26 oktober
Het winteruur is een zegening voor mensen die moe zijn. 
Vandaag is het schoolwerkdag.  Ik heb al heel de dag gelezen.  De familie had ook nog een boek van Nooteboom mee.  Als ik dat boek uitheb, kan ik een punt zetten achter mijn leeswerk voor moderne Nederlandse literatuur.

LG
Stephanie

GEmacht statt gemacht / GEstern statt Gestern!

oktober 17, 2008

Donderdag 9 oktober.
Wat ik die dag allemaal gedaan heb weet ik niet meer allemaal.  Ik herinner me enkel nog dat ik naar de les ben geweest.  Later zou blijken dat het mijn laatste was. (De Sprachkurs valt samen met mijn lessen aan de universiteit). En ik heb niet eens deftig afscheid kunnen nemen.
Donderdagavond ben ik terug naar huis gegaan om zondagnamiddag weer in Münster te arriveren.
Het is dan zondag 12 oktober. 
Ik zie voor het eerst sinds deze zomer mijn Mitbewohnerin terug.  Het eerste contact is wat onwennig.
Maar dat verandert al snel.  Zondagavond blijf ik thuis.

Maandag 13 oktober.
Ik sta meer dan op tijd op.  De les is pas om twee maar voor mij kon het niet snel genoeg middag zijn.  Ik zou mijn eerste les hier in Münster volgen en dat leek me best wel spannend.  Ik fietste zeer vroeg naar het ’Haus der Niederlande’, mijn eerste les is namelijk Nederlands.  Vermits de lessen hier pas om kwart na beginnen maakte ik me nog niet zo veel zorgen toen ik om twee uur nog helemaal alleen voor het gesloten lokaaltje stond.  Een vriendelijke prof opende het lokaal.  Hij deed zo erg veel moeite om Duits te spreken dat ik er door geraakt werd.  Ik hoorde zijn Hollands accent heel fel, maar om de een of andere reden begreep hij niet dat ik in staat zou zijn vloeiend Nederlands te spreken.  Het kon niet baten.  Na een bezoek aan het secretariaat werd me duidelijk dat de lessen in dit ‘Haus’ pas volgende week van start gaan.
Ik dus snel terug naar huis om nog even wat op te ruimen.  Twee uur later werd ik immers in het ‘Von Stein Haus’ verwacht.  Übung Autobiographie.  Een gruwelijke nachtmerrie was het niet, maar het was toch even slikken.  We zaten met zo’n vijftig man in een lokaaltje dat daar niet voor gemaakt is.  Toen de assistent binnenkwam werd me duidelijk dat ik de enigste was die echt voor de Übung Autobiographie gekozen had.  Tot vorige week ging de Übung over Exilliteratur gaan.  Maar om één of andere duistere reden is de prof naar een andere universiteit.  Toen werd het pas echt fameus.  Na een korte inleiding moesten we al beslissen of we een ‘Impulsreferat’ wouden houden, ofwel een ‘Rekapitulation’.  Eer ik door had wat alles was, waren we met de planning al een eind in het semester gevorderd.  Ik moet op 1 december.  Een Rekapitulation.  Ik moet de vorige les samenvatten.  Of ik nu de les van eind november, of die van 1 december samenvatten moet, is me voorlopig nog onduideljk.  Zichtbaar opgelucht was ik, toen ik merkte dat het meisje, dat op hetzelfde tijdstip de Rekapitulation moet maken, Nederlands studeert.  Jana maakte me al wat wijzer en beloofde me wat te helpen.
Maandagavond kwam ik moe maar voldaan thuis, ik plofte me voor de tv en viel niet veel later in slaap.

Dinsdag 14 oktober
Die dag had ik een Seminar en een Übung op het programma staan.  We moesten ‘kurz’ voor het Seminar even bij de prof langsgaan.  Silke en ik stonden om half twee voor haar deur.  Maar kurz betekende eigenlijk pas om twee.  Het was snel twee uur.  De prof stelde wat vraagjes: of we het Duits wel zouden verstaan en dergelijke.  Ze liet ons ook weten dat als we iets niet verstaan, we het altijd mogen vragen. 
De les zelf leek ook in niets op een les in Leuven.  Aktive Teilnahme nemen de meesten hier zeer ernstig.  Ik wist ook af en toe het antwoord (Christa Wolf) maar de angst ontnam me de moed m’n vinger op te steken.
Na de les ging ik naar de copyshop op de reader te kopen.  Daarna ging ik naar het Erasmusbureau om enkele papieren te ondertekenen.  Voor ik het wist was het weer zes uur. Tijd voor een les.  Übung Duitse Taalkunde.  Ook daar waren we met veel.  De les beviel me wel.  Met dank aan de doorgedreven lessen taalkunde in Leuven.  Ze hebben ervoor gezorgd dat ik over een zeer goede basis beschik!  ’s Avonds was het dan tijd voor Karaoke.  We hebben eerst wat gedronken tot elf, pas daarna hebben we ons aan een liedje gewaagd.

Woensdag 15 oktober.
Geen les.  Laat opstaan.  Laat ontbijten.  Laat middageten.  Lui zijn in de namiddag.  Blij zijn in de namiddag omdat mijn studieprogramma is goedgekeurd…
Ondertussen kwam m’n bankkaart via de post aan.  Ik beschik nu over een mooie Duitse bankkaart.  Opmerkelijk hier ook is dat de correspondentie niet verloopt via de voornaam.  Maar via de twee voornamen.  Ik word hier dus aangesproken als Stephanie Marijke.  Dat staat dan ook zo op mijn bankkaart.  Fijn is dan wel dat ik altijd aan mijn meter denken, de drager van de naam Marijke. genoeg volgende week zaterdag (Lieve meter!  Het kan niet snel genoeg volgende week zaterdag zijn.  Tot dan!) Na de middag besloot ik toch even sportief te zijn.  Ik trok m’n loopschoenen aan en ik begon aan m’n inmiddels bekende toer.  Dacht ik!  Het is nog maar eens bewezen dat ik me zonder kaart niet van huis begeven mag.  Ik liep hopeloos verloren.  Ik passeerde sportvelden van de militairen, huizen, huizen, winkels, … Na een half uur doelloos door Gievenbeck gelopen te hebben (ja beste mensen, ik bleef wel degelijk lopen, zo zorgde het verlorengeloop natuurlijk wel voor extra conditietraining) kwam ik bekend terrein tegen.  Toen ik ook alle trappen opgelopen was, bleek dat Katharina (m’n Mitbewohnerin) ook thuis was.  We hebben een beetje gebabbeld en ook wat afspraken gemaakt.
Verder heb ik mijn emailadres aan de universiteit hier ook in orde gebracht (ik dien hier wel te vermelden dat het gebeurde met behulp van Katharina.  Het is namelijk niet zo eenvoudig je mailbox te vinden).  Verder heb ik nog sportief nieuws! Vermits mijn Duitse rekening helemaal in orde is, kon ik me ook inschrijven voor een sportbeoefening.  Badminton zat spijtig genoeg al helemaal vol.  Na een uurtje de voor en nadelen van alle sporten op een rijtje te zetten, koos ik voor ‘Leichtathletik’.  De sport is op dinsdag en donderdag.  Dinsdag kan ik niet wegens les, donderdag moet lukken!
Het hoogtepunt is ’s avonds te situeren.  Toen kwam Kirsten vorbei!  Onze droom van 2005 kwam een beetje uit.  Toen ging ik namelijk met de middelbare school naar Polen.  De eerste nacht brachten we bij een Duits gezin door.  Ik kwam bij het bijzonder fijne gezin Spindeldreier terecht.  Toen beloofde ik, dat ik nog eens zou terugkomen.  Een bezoek van Kathrin aan België kwam er in de zomer van 2005.  Daarna werd het wat stiller, al hielden we wel contact via mail.  Nu heb ik Kathrin en Kirsten al gezien.  Kathrin maakt haar Abitur in Bielefeld, Kirsten studeert Pharmacie in Münster.   Het was een zeer fijne en leerrijke avond.  Ik heb Kirsten haar Nederlandse uitspraak wat bijgeschaafd (Kirsten werkt elk jaar op Texel, ze spreekt bijgevolg zeer goed Nederlands), zij mijn Duitse.  Vanaf nu zeg ik de GEmacht en GEsterN.  Het klinkt al wat beter.  We hebben direct al maar een afspraak gemaakt voor volgende week.

Vandaag (donderdag 16 oktober)  heb ik normaal gezien mijn keuzevak (Afrikaans).  Maar ook dat vak wordt in het ‘Haus der Niederlande’ gegeven.  Oplettende lezers weten dan ook dat ik pas volgende week wordt ondergedompeld in het Afrikaans.  Om vier uur heb ik nog een Vorlesung.  Daarna ga ik me moeten haasten naar het sportveld.  Maar omdat ik niet zo vertrouw op mijn orientatievermogen, ga ik alvast deze namiddag een kijkje nemen.

 

Vrijdag 17 oktober
Het sporten was een succes!  We begonnen met een rondje te lopen in de omgeving van de sporthal.  Daarna mochten we kiezen uit verschillende disciplines.  Ik koos voor hoogspringen.  Niet dat ik dat kan, maar horde en sprint leken me nog een pak moeilijker.  De aanleg is er volgens de sportleraar, de uitvoering nog niet helemaal.  Maar het was fijn.  En in mijn groep van het hoogspringen zitten er drie meisjes die voor leerkracht studeren.  Hun missie is mijn Duits op peil te krijgen.  En ook Ailien, (sportstudent) doet aardig mee.
Na het sporten ben ik naar de wekelijkse Stammtisch getrokken.  Er was niet bijster veel volk (wegens concurrentie van een feestje in de Boeselagerstrasse) maar ik heb toch een fijne avond gehad.

Vandaag is het bijzonder slecht gesteld met mijn Duits.  Deze middag ben ik in de Mensa gaan eten.  Tijdens de conversaties viel vooral mijn zeer slecht Duits op.  
Dadelijk ga ik weer sporten!  Mijn doel was zoals gezegd Badminton.  Maar er waren geen plaatsen meer vrij.  Tot vanmorgen!  Toen hebben ze nog een paar plaatsen vrijgemaakt.  En er was nog net één plaatsje voor badminton op vrijdag.
Hopelijk klimt mijn Duits vandaag nog naar een aanvaardbaar niveau en kan ik nog wat van Badminton.

Het leven valt hier bijna in zijn plooi.
Liebe Grüsse!

 

Blankenese en de rit met de ziekenwagen

januari 15, 2009

Donderdag 13 november

 

Ik word steeds beter in het vroeg opstaan.  Dat komt namelijk omdat ik steeds minder tijd in de badkamer nodig heb, hierdoor kan het vroeg opstaan eigenlijk al gedegradeerd worden tot middelvroeg opstaan..  Om de ochtendlijke les aangenaam te maken, ga ik voor de les ook nog naar de bakker voor een chocoladecroissant.

Eigenlijk is dat best rustgevend, zo rond acht uur door Münster stad fietsen.  Er zijn nauwelijks fietsers, meestal hangt er veel nevel…

 

In de namiddag had ik nog een afspraak met de docent voor de taak van Autobiographie.  Die prof is supersüβ.  Hij begeleidt me echt goed bij het maken van mijn taak.

Toen ik toen de bus wilde nemen brak de hel los.  Eerst werd ik geconfronteerd met twee brandweerwagens, vervolgens kwamen er nog eens tien. 

Toen die drukte over was, kwam de politie en Einsatzleutung voorbij.  De laatste twee politieauto’s hadden een belangrijke taak:  Stephanie de weg versperren.  En toen stond ik midden in de chaos.  Ik kon niet meer vooruit, achteruit of opzij.  Toen ik de politieagente daarop attent maakte, zag ze ook wel in dat het niet zo’n goede zet was, zo iedereen te blokkeren.  Ik mocht via een klein steegje toch de tumult verlaten.  Maar dat steegje kende ik niet.  Gelukkig was er een vreemde, maar zeer lieve, mevrouw die me wegwijs maakte.  Ondertussen vertelde ze me nog wat over de stad.  Die studenten toch zei ze, altijd maar drinken drinken drinken, “ben jij ook zo?”.

Dat probleem was snel van de baan, we namen afscheid en ik kon verder naar huis.

 

’s Avonds was het zoals gewoonlijk atletiek.  Speciaal was wel dat we daarna samen met de groep iets gingen eten.  De pizza was snel op.  Toen trokken Viktor, Arne, Mattes, Hannes, Anne en ik richting Kneipe om de avond verder te zetten met een cocktail in de hand.

Ik kwam ’s avonds laat thuis. 

Ik kon achter niet uitslapen want ik had nog veel werk voor de boeg.

 

 

Weekend van 14 – 15 en 16 november

 

Om zeven uur stond ik in mijn pyjama de hele WG te poetsen.  En niet gewoontjes, nee, gruwelijk grondig.  Mijn ouders kwamen namelijk op bezoek.  En voor hun wil ik alleen het beste.  De bel ging om kwart voor elf.  Ik was net klaar.

Het wederzien was fijn.

’s Middags aten we witloof met hesp.  Mama, nogmaals bedankt voor je lekker eten.

De namiddag brachten we door in Mettingen, bakermat van C&A.  Echt een heel mooi dorpje.  De avond sloten we af in Münster stad: de Sinnleffers was de place to be.  Gewapend met vier broeken gingen we terug naar buiten.

 

Zaterdag werden we om twee uur in de stad verwacht voor een rondleiding.

Het plan was om ’s middags rustig frietjes te eten (de frietketel was voor de gelegenheid meegebracht).  Van dat rustig eten kwam niet zo veel in huis.  We werden geconfronteerd met verschillende stopcontacten.  Na heel wat gestress en geprobeer vond ik in mijn kamer één blok waarin de stekker van de frietketel paste.  Oef.  De frietjes smaakten overheerlijk.

We sloten de dag af met een uurtje shoppen.  Ik ben een paar schoenen (hier beter bekend als Jura-Schühe), een nieuw boek en een nieuwe handtas rijker.

 

Zondagmiddag zijn we gaan eten in de Vapiano.  Het was er zalig rustig.  Dus geen lange aanschuiftijden, geen mensen naast je aan tafel.  Rustig genieten.

Na het eten zijn we nog een deel van de stad gaan verkennen.  We sloten af met een blik op de Aasee.  Toen sloeg het weer helemaal om: regen en felle wind.

Terug op kot besloten we om nog een Kakao te gaan drinken in Gievenbeck.  Dat betekende het einde van het bezoek.

Het leven kan terug zijn gewone gangetje gaan.

 

 

Maandag 17 november

 

De Übung ‘Autobiographie’ wordt in een nieuw kleedje gestoken.  We behandelen vanaf nu nog maar één tekst per keer.  Er is meer tijd voor discussie.  Dit zou ons allemaal rust moeten brengen en ons zo de mogelijkheid moeten geven, onszelf beter te ontwikkelen.  Mooi idee maar helaas voor de docent, de realiteit ziet er anders uit.

Natuurlijk kon hij zich niet inhouden om toch nog eens terug te grijpen naar de tekst van Benjamin.  De eerste doelstelling “we behandelen nog maar één tekst per les” werd al na vijf minuten verbroken.  Toen we na een kwartier onze mening mochten zeggen, maar alleen als die mening gelijk was aan die van de docent, was ook de tweede doelstelling teniet gedaan.

 

Ondertussen ben ik weer begonnen aan een heuse leesmarathon.  Vandaag is het plan om aan Reynaerts Historie te beginnen.  De voorbije week las ik al ‘de Borggravinn van Vergi’, ‘Floris ende Blancefloer’ en ‘Hadewijchs visioenen’.

 

 

Dinsdag viel de les van Wendeliteratur wegens ziekte van de prof uit.  Dat betekende dus extra tijd om aan mijn referaat van Nederlands te werken.

Mentaal kan ik me al voorstellen hoe het referaat er gaat uitzien, het omzetten in de praktijk is heel wat moeilijker, maar daarom niet minder boeiend.

 

 

Woensdag 19 november

 

Overenthousiast spring ik op mijn fiets.  Ik heb namelijk nog wat materiaal uit de bibliotheek nodig.  Het is koud, het waait en ineens verstoort iemand mijn dagdromen.

Drie groene mannetjes rijden we zowaar klem.  “Ik kwam drie fietsende politieagenten tegen en was plots 25 euro armer”.  Het hele voorval bracht me in verwarring.  Ik was namelijk al altijd door dat
- bijna totaal overbodige – rode licht gereden.  De politieagent die het woord voerde was buitengewoon vriendelijk.  Hij vroeg of ik hem kon verstaan.  Dat kon ik, maar voor de zekerheid vermeldde ik toch maar even dat ik uit België kwam.  Toen hij dat wist, begon hij plots luider te praten.  Dat fenomeen kom ik veel tegen.  De mensen gaan er van uit, dat hoe luider ze praten, hoe beter ik ze versta.  Rare conclusie.

Wat belangrijk was, is dat ik niet alleen de boete betaalde.  De politieagent wou er een heuse opvoedingscursus van maken.  Ik kreeg de elementaire verkeersregels uitgelegd.  Daarna toonde hij ook nog interesse in het Belgische systeem. “Gibt es das den in Belgien nicht”.  Ik kon in alle eerlijkheid antwoorden dat ik zo’n verkeerssituatie in België niet was tegengekomen.  Althans niet voor fietsers.  De man vroeg natuurlijk pienter of ik al een rijbewijs had.  Dat mocht ik even tonen.  Het was natuurlijk een tegenvaller dat onze Belgische rijbewijzen nog in papieren versie bestaan.  Mijn rijbewijs, kon in tegenstelling tot mijn identiteitskaart, niet ingescand worden.

Was ik maar even blij dat ik geen Duits rijbewijs had.  Mijn overtreding betekent één strafpunt op je rijbewijs.  Wat er dan weer voor zorgt dat je verzekering stijgt.

Omdat de politieagent duidelijk zag dat ik de misdaad niet met voorbedachte rade begaan had, moest ik ‘slechts’ 25 euro betalen.  Het normale bedrag bedraagt minstens 80 euro.

Het betalen verloopt ik hier ook zeer vlotjes.  Ik had namelijk een aantal opties: direct met de kaart, via overschrijving hier in Duitsland, of via overschrijving door de ouders in België.  Ik koos voor de korte pijn en betaalde direct.  Later bleek dat het de beste keuze was.  Als je via overschrijving betaalt, komt er vaak nog een kleine som administratiekosten bovenop.

 

 

Donderdag 20 november zie ik Kirsten eindelijk terug!

 

Maar vooraleer deze gelegenheid voordeed had ik nog een afspraak met mijn prof van Nederlands.  Deze keer niets dan bemoedigende woorden.  Ik zit op de goede weg.

Plots is er dan weer het nieuws dat ik toch een partner zou krijgen.

En het klopt ook!  Ik krijg een mail van mijn toekomstige partner, Sven.

 

’s Avonds gaat het weer richting atletiekhal.  Wegens slecht weer (het regent weeral dagen aan een stuk) kunnen we niet buiten gaan lopen.

Omdat Kirsten vlakbij de sporthal woont, is het praktisch om direct na de training haar een bezoekje te brengen.

Mijn kaartje van Bremen prijkt aan haar wand.  Na twee uurtjes gezellig getater neem ik afscheid, de avond is nog niet ten einde.

Vandaag is het namelijk ‘psychoparty’, de tweede grootste party in Münster.  En dat willen we meegemaakt hebben.  Pluspunt is dat de party ook vlakbij mijn kot plaatsvindt. 

Mijn verwachtingen werden niet helemaal ingelost, maar ik heb me toch geamuseerd.

De locatie was ook wel speciaal: in een ondergrondse garage.

 

 

Vrijdag: afspraak met mijn langverwachte partner voor mijn referaat.

Het weer zit weer niet mee, ik kom helemaal nat in de bibliotheek aan.

We bespreken de aanpak.

Sven belooft om de teksten dit weekend te lezen.  Onze volgende afspraak is dinsdag.  Dan willen we het grootste deel af hebben.  Daarna moet de prof nog alles goedkeuren en kunnen we het afwerken.

Over mijn partner niets dan goed.  Hij heeft vorig jaar een heel jaar in Groningen gestudeerd.  Zijn Nederlands is dus beter dan mijn Duits.  Voor mij betekent dat nog een extra motivatie om mijn Duits te verbeteren.

 

 

Zaterdag 22 november doe ik niet anders dan lezen.

Nu vraagt u zich waarschijnlijk af.  Weeral lezen?  Inderdaad.  En deze keer is Jens Biskys boek ‘Geboren am 13. August.  Der Sozialismus und Ich’ aan de beurt.

 

Ook de rest van het weekend breng ik al lezend door.

 

 

Op 24 november moet ik mijn beeld van mijn partner voor het eerst bijstellen. 

En dat wordt er niet beter op.  Op donderdag komt het bericht dat ik mijn referaat alsnog alleen moet maken.  Gestress alom maar uiteindelijk lukt dat ook wel.

 

 

 

29 november en 30 november

 

De eerste echte WG-party in Münster

De grootste fout die je kan maken had ik natuurlijk gemaakt.  Ik had gegeten.  En dat was niet nodig.  Het feestje was fijn.  Ik  ben niet extreem laat gebleven, ik kreeg zondag namelijk bezoek. 

Jawel, van mama en papa.

En je raadt het al, het was fijn.

Ik heb mijn presentatie van Nederlands gehouden en daarna hebben we nog wat aan de powerpointpresentatie veranderd.  Na de middag zijn we de kerstmarkt gaan ontdekken.

Het weer zat niet echt mee, en dat maakte dat het nog kouder was dan anders.  Gelukkig vonden we een plaatsje in het ‘Picassomuseum’ voor een warme Kakao.

 

De rest van de avond breng ik rusteloos door.  Ook maandagmorgen ben ik niet echt aangenaam gezelschap.

 

 

Maandag 1 december staat al meer dan een maand in mijn agenda gefluoriceerd.

 

En nu het eindelijk zo ver is, kan het niet snel genoeg twee december zijn.

Ik ratel mijn presentatie af, tot mijn eigen grote ergernis.  Maar de commentaar van de professor achteraf was bemoedigend.

Na het referaat niet de verwachte rust.  Op woensdag heb ik een afspraak en tegen dan moet mijn Hausarbeit van Autobiographie al zo goed als af zijn.

Maandag werk ik niet al te laat maar dinsdag wordt het vier uur ‘s nachts.  Met een zalig gevoel fiets ik naar Bispinghof.  De ‘Schreibberater’ trakteert me op koffie (zag ik er dan echt zo moe uit?) en chocolade.  De koffie sla ik beleefd af, de chocolade neem ik dan weer dankbaar aan.

Het gesprek duurde langer dan verwacht maar het was ook interessanter dan verwacht.

 

 

En voor ik het wist was het donderdag 4 december: 20 u 30.

We werden vanaf acht uur in de bibliotheek van het ‘Haus der Niederlande’ verwacht.  Voor een heus sinterklaasfeestje.

Het moet ongeveer acht jaar geleden zijn, dat ik nog eens uit volle borst een sinterklaasliedje gezongen heb.  Jonah en ik kenden de tekst van buiten, de meeste studenten moesten zich behelpen met een papiertje.

Maar dat kon de pret niet bederven.  Toen de Sint op z’n stoel zat begon ik blij als een kind foto’s te nemen.  Eens de Sint weg was, kon het feestje echt beginnen.  Eigenlijk was het vooral een zuipbedoening.  De inkom bedroeg drie euro, en je kon dan naar hartelust de hele avond zo veel drinken als je wou.

De drank zorgde voor het eerste contact tussen mij en mijn medestudenten.

Het was echt een fijne bedoening.  Hopelijk worden de uitspraken “tot maandag, daaaaaaaaaaag” ook in de praktijk omgezet.

De medestudenten houden woord.  De lessen worden daardoor wat plezieriger.

 

Katharina (mijn kotgenoot) en ik zoeken naar een goedkoop hotel in Hamburg.  We gaan binnenkort namelijk op weekend.  De zoektocht duurt dagen en uiteindelijk besluiten we een vriendin van de mama van Katharina (Anna) die in Hamburg woont te telefoneren.  Hopelijk weet zij nog ergens een goede slaapplaats.  Het telefoontje brengt soelaas.  We mogen bij de vriendin gaan overnachten.

De volgende dagen vliegen voorbij en voor ik het weet zit ik in de auto op weg naar België. 

 

Ik heb op 12 december mijn eerste examen van de leeslijst van Nederlands.

Na mijn examen neem ik de trein terug naar Münster.  Ik vertrek in Leuven, eerst met de trein naar Luik en dan daar de Thalys op richting Keulen.  Ik heb een uitgebreide stop in Keulen en die benut ik dan ook ten volle.  Ik trek naar de souvenirwinkeltjes, koop kerstkaartjes en precies om half zes stap ik op de trein naar Münster.  Ik ben nog net op tijd terug in Duitsland om naar het pannenkoekenfestijn van Silke te gaan.  Daar zag ik de meeste Erasmusser terug die ik gedurende de eerste weken heb leren kennen. 

 

Ik lig laat in mijn bed en om half twee komt Katharina terug thuis van haar instituutsfeestje.  We bespreken nog om hoe laat we moeten op staan, veel te vroeg uiteraard.

Op 13 december om 14 minuten over zeven nemen we de bus naar het station van Münster, aldaar nemen we de sneltrein naar Hamburg.  Twee uur en een kwartier later stappen we uit in Hamburg.  We mogen onze spullen direct bij Anna gaan zetten.  We ontbijten nog eerst en daarna trekken we de stad in.

Het eerste dat we tegenkomen is de Binnenalster met in het midden een kerstboom.  De fototoestellen worden bovengehaald en terwijl we langs het water wandelen mijmeren we over onze toekomst.

Even later bereiken we het stadhuis, op aanraden van Anna nemen we ook een kijkje op het binnenplein.  We zetten onze tocht verder langs het Hanseviertel, duizend en één kerstmarkten.  We passeren een reuzengroot standbeeld van Theodor Storm en voelen ons intens gelukkig.  Als we even later ook nog de beroemde St. Michaeliskerk in het visier krijgen is het plaatje compleet.  We duiken nog snel het Krameramt in en dan is het tijd voor een warme chocolademelk.  We lopen naar de haven en op de rode boot van de brandweer verwarmen we ons.  Daarna zijn we helemaal klaar om naar de Reeperbahn te gaan.  Vooraleer we daar aankomen bezichtigen we de Landungsbrücken, turen we dromerig over het water en inspecteren we de befaamde visbroodjes.

We komen ook nog het weerstation tegen, werpen een blik van boven op het water en slaan dan rechts af.  We passeren nog even de jeugdherberg en dan zijn we in het ‘Rote Viertel’.  De wijk doet zijn naam alle eer aan.  We besluiten om niet lang te blijven, hoewel het pas vijf uur is, verandert de sfeer snel.  Om half vijf liepen er nog ouders met kinderen, een half uurtje later zag het straatbeeld er anders uit.

We duiken de metro in en komen terug boven in het Hanseviertel.  Klaar om een gezellig restaurantje te vinden.  Maar dat liep niet van een leien dakje.  Katharina had nog een aanvaring met een mevrouw.  Er lag namelijk een plank op de straat, Katharina stond aan het ene eind, de mevrouw ging met volle kracht op het andere eind staan.  De plank schiet omhoog en raakt de voet van Katha.  Paniek alom en wat heen en weer geschreeuw met de mevrouw (die nam het Katha kwalijk) konden we onze tocht verderzetten.

Het rijke Hamburg kan niet tippen aan het iets normale Münster dus we hadden wat tijd nodig om een restaurantje te vinden.  Aangezien we ook alle twee maagproblemen hebben, leek het biologisch restaurant ons wel iets.  De zaak was gloednieuw en gezellig ingericht.  Na het eten en een tussenstop in het toilet (een hele dag buiten en het dragen van een muts richten wat ravage aan) vertrokken we met de metro naar Tarzan.

„Tarzan, ich Tarzan, du Jane“.  We zaten op de allerlaatste rij.  Voor mij was het allemaal spannend maar Katharina moest het eerste half uur bekomen.  Het was inderdaad zo dat er rustig vijftien à twintig meter tussen ons en het podium zat, maar gevaar om te vallen was er in geen geval.  Het heeft wel een vol half uur geduurd vooraleer Katha daarvan overtuigd was.

De musical overtrof alle verwachtingen.  De acteurs vlogen door de lucht, zongen als engelen,…

Het enigste minpuntje was mijn bijna-buurvrouw.  Zij kwam uit Afrika en kon het niet nalaten om heel de musical door ‘Afrika Afrika’ te roepen en bijna elke scène te becommentariëren.  “ O  O, er ist tod…”.

Ondergedompeld in de wondere sfeer van Tarzan nemen we de metro terug.

Hoewel we erg moe zijn besluiten we om nog iets te gaan drinken.

De eerste dag in Hamburg zit erop, moe maar tevreden zoeken we de slaapzetel op.

 

 

Zondag 14 december is het heel wat minder koud, of ligt het aan het feit dat ik nog meer kleren heb aangetrokken? 

We hebben het geweldige plan opgevat om naar Blankenese te trekken.  We willen met de bus: de zon schijnt en het uitzicht is geweldig.  Maar de rit is lang en de slaap overvalt me.  Ik word wakker als Katharina me vriendelijk maar niettemin kordaat aanmaant uit te stappen.  We maken nog één tussenstop (en ook op die bus val ik in slaap) en dan komen we aan in Blankenese.  Het Knokke van de  Belgische kust als vergelijking kan je al een idee geven maar het is toch niet hetzelfde.  Blankenese is wowwowow! 

Enkel de hondenpoep gooide wat roet in het eten.  Terwijl Katha en ik drukdoend een gesprek voeren voel ik mijn voet wegglijden.  Eerst denk ik dat het een bananenschil (wat een cliché) of een nat blad is, maar helaas.  Een echte Duitse hondendrol conform met de grote van de Duitse honden..  Groot dus.  Het mondaine Duitsland keek me met medelijden aan.  Ik huppelde door het gras, danste in een plas en kreeg de slappe lach.  Toen trokken we onderaf, richting water.  Een honderdtal trappen later bereiken we het water. 

We nemen wat foto’s, vragen aan mensen om foto’s van ons te nemen en staan romantisch te mijmeren bij een zonsondergang.   En dan zien we HEM, hem dat is de mysterieuze jongen die foto’s nam van de zonsondergang.  Iets dat ik ook deed, al moet ik toegeven dat ik iets primitiever te werk ging.  Katharina was direct weg van hem.  Ik probeerde haar tevergeefs aan te moedigen een gesprekje aan te knopen maar ze weigerde.  Zenuwen voor haar ‘liefde op het eerste gezicht’.  We blijven tot de zon bijna onder is, we lopen de trappen op en nemen de metro richting Hamburg centrum.

We zoeken een restaurantje om te eten, schrijven een bedankbriefje voor Anna en gaan naar het station alwaar we op de trein richting Münster nemen.

 

We staan uitgelaten op het station, het is een drukte van jewelste en het overgrote deel van de reizigers maakte zich zorgen voor een plaats.  Wij hadden gereserveerd en konden dus rustig afwachten.  Dachten we!  Want voor deze treinrit hadden ze de oudste trein van heel Duitsland terug van onder het stof gehaald.  De wagon indeling was niet conform de plaatsreservering maar we konden gelukkig toch nog een plaatsje bemachtigen.

Eens Münster bereikt is Katha volledig op, zin om op de bus te wachten hebben we niet.  De taxi blijkt een handig vervoersmiddel te zijn.

 

De maandag en dinsdag na onze trip is het een en al rust in de Coesfeldweg.  Het enigste wat voor wat problemen zorgt zijn mijn benen.  Die zijn namelijk lichtelijk gezwollen.

De rust verdwijnt als op woensdag de hel losbreekt.

De omvang van mijn benen is buiten proporties en ook de pijn wordt erger.

De avond ervoor had ik nog feestje van de atletiek.  Toen had het me veel moeite gekost om een broek te vinden die nog paste, nu kan ik geen enkele broek meer aandoen.

Ik mail het thuisfront over mijn situatie en kruip dan mijn bed.

 

 

Maar om terug te komen op die speciale woensdag.  Vermits ik geen broeken meer kan dragen besluit ik wat te gaan joggen.  Ik hoop dat door het lopen mijn benen wat zullen ontzwellen.  Ik ga er dan nog altijd van uit dat mijn benen vol water zitten.  Mijn Mitbewohnerin en een telefoontje van het thuisfront beslissen daar echter anders over.

Ze manen me met drang aan de huisdokter op te zoeken.  Ik ga in mijn sportkleren, ik ben er van overtuigd dat een paar pilletjes wel soelaas zullen brengen.  Dat is echter buiten de huisarts gerekend.  De doorgaans zachtaardige, rustige en lieve mevrouw verandert bij het zien van mijn benen in een angstig dier.  Ik krijg niet meer de gelegenheid me aan te kleden, mijn handtas te nemen of naar het toilet te gaan: Du bleibst jetzt ruhig hier, ich werde anrufen.

Na wat aandringen geeft ze toe dat ze vermoedt dat ik een trombose heb.  Ze doet een echo en lijkt haar vermoedens bevestigd te zien.

Voor ik het weet word ik met een bureaustoel door de praktijk gereden.  De drie trappen die me scheiden van de begane grond breng ik door in de armen van twee ambulanciers. 

Ze brengen me naar het ziekenhuis alwaar ik direct onderzocht wordt.  Ik krijg de boodschap om vooral heel stil te blijven liggen. 

Na een hele dag ziekenhuis word ik om zes uur ontslagen.  Ik ben emotioneel en lichamelijk op.  Het geplande kerstfeestje kan op de valreep in een afgezwakte versie nog doorgaan.

 

 

Donderdag 18 december pak ik mijn koffers en neem ik tijdelijk afscheid van Katharina.  Eens thuisgekomen leer ik nog wat voor mijn examen van Nederlands dat de dag erna plaatsvindt. 

 

Op vrijdag 19 december leg ik examen af, spreek ik af met Lien – dat was al veel te lang geleden – en rust ik thuis zalig uit.

Vanaf dat moment heb ik kerstvakantie.  Voor het eerst sinds jaren geniet ik ten volle van Kerstavond, Kerstmis, Oudjaar en Nieuwjaar.

Ik hoop dat ik het vele werk wat me in Münster nog te wachten staat het hoofd kan bieden.

Verder wil ik nog onvergetelijke momenten beleven in Münster.

Want zoals u ondertussen wel al weet, Münster is geweldig.

 

 

 

 

 

 

 

Het onderbroekentrauma

oktober 8, 2008

 

Vrijdag 3 oktober

Tag der Einheit.  Duitsland viert feest.  Voor de meesten van de Sprachkurs een kleine ramp omdat ze geen eten hadden ingeslagen.  Maar voor de rest meer dan fijn.
Omdat er uiteraard geen les kon gegeven worden, zijn we dan maar naar het Stadtmuseum getrokken.  Daar hebben we de hele geschiedenis van de stad Münster ontdekt (letterlijk van de prehistorie tot nu!)

Zaterdag 4 oktober
Citytour.  Auf Deutsch.  Münster is mooi en de rondleiding heeft dat nog maar eens benadrukt.  Nadeel was wel dat er een nationaal ‘Chorfest’ aan de gang was.  Letterlijk honderden en honderden kinderen.  Er konden dus geen kerken bezocht worden.  We hadden daar nu ook niet zo veel zin in (na een week in Münster geweest te zijn ken je de geschiedenis van de kerk met de drie Käfige wel al!), maar een kerk is warm en buiten was het koud.  Eiskalt.  Gelukkig had de gids geen al te lange uitleg gepland.  Om ons te verwarmen zijn we daarna een choloademelk gaan drinken.  Zeg nooit meer Kakao tegen het eerste het beste.  Leuvenaren, prijs jezelf gelukkig dat je chocolademelk bij de werf kan drinken.  Wat ik op de Domplatz gedronken heb, kwam in de verst verste niet in aanmerking om onder de noemer Kakao te vallen.  Christina en ik hadden het geluk dat we Schwarz genomen hadden, Melody wou iets creatiever en ging voor Weiss.  Bijgevolg hebben Christina en ik onze ‘Kakao’ alsnog opgedronken, Melody kreeg hem niet binnen.
Zaterdagavond partyavond?  Niets daarvan.  Erasmussertjes in Münster zijn moe na een week van hier naar her crossen!

Dat zondag een hoogdag is, heeft zondag 5 oktober met verve bewezen.  Ik kreeg op die dag namelijk hoog bezoek.  Hoog bezoek uit Bielefeld.  Bezoek van Kathrin und Melina.  En wat doen meisjes die elkaar lang niet meer gezien hebben?  Klatschen.  Honderuit, zeer luid.  Het was zalig!  En om aan te tonen dat het Kakao voorval alleen stond, zijn we in een andere Gelateria ‘Kakao’ gaan drinken.  Het verschil was enorm.  Dat ik ‘toevallig’ nog Butterkekse zartbitter in mijn handtas had steken kon de sfeer alleen maar verbeteren.
Onder alweer hevige stortregen namen de drie musketiertjes de bus naar Gievenbeck om aldaar verder te klatschen.  Zonder chocolademelk deze keer, maar daarom niet met minder stijl.  We hebben een heus theekransje gehouden.

MONTAG: TAG DER IMMATRIKALTION! (we noteren zes oktober).
Vol goede moed stapten Mariann en ik de bus op richting ‘Schloss’.  De eerste aanblik beviel ons wel.  Amper volk.  Onze verzekering werd goedgekeurd en vandaar uit werden we doorgestuurd naar bureau 154.  De moed was er nog steeds, tot we de hoek omdraaiden.  Daar kwam ik Alex tegen.  Hij vertelde me doodleuk dat hij al zo’n twintig minuten aan het wachten was zonder ook maar een meter op te schuiven.  Oja!  Wachten.  Ik ben er een expert in.  Om twaalf uur was ik uiteindelijk aan de beurt.  (Hierbij dien ik te vermelden dat ik om tien uur aan mijn wachtmarathon begonnen was). Dat is ook puur aan mijn moedigheid te wijten.  We stonden namelijk nog steeds met zo’n vijftig man aan te schuiven.  Naar gelang je achternaam moest je in 153 of in 154 binnen.  Er was niemand meer voor kamertje 154 dus trok Stephanie haar stoute schoentjes aan en ging ze binnen in het kantoortje ‘waarover haar zo gezegd was dat ze daar niet in mocht gaan’.  De eerste aanblik van dat kantoor verwonderde me een beetje.  Heel veel planten, wierook, lichtgevende bollen, en op de achtergrond vogelmuziek.  We hadden hier niet te maken met een strenge meneer.  Na een paar vraagjes: Wie lange studierst du schon, wie alt bist do.  Wo wohnst du, kreeg Stephanie een stempel op haar blad met het duidelijke woord IMMATRIKULIERT.
Mariann kon even na mij ook pronken met deze stempel.  Toen gingen we naar beneden voor de aanmelding bij de stad.  Daar was het niet druk, niettegenstaande verliep dat ook niet zo vlot.  Erasmusmensen hielpen ons gewillig en na een half uurtje was ook die klus geklaard.  Toen kwam het laatste luik: de Erasmuskaart.  Deze kaart staat garant voor twee erasmusparties en een erasmustshirt.
Het moet niet gezegd worden dat een mens moe wordt van al dat geregel.  Mariann en ik besloten wijselijk om iets te gaan eten en daarna rustigere oorden (lees onze Zimmers) op te zoeken.
Want van vier tot zes hadden we Sprachkurs.  Heel de wereld mag het weten.  ‘Ich mag unsere Lehrerin nicht’.  Maandag was het nog niet zo uitgesproken maar dinsdag moest iedereen me wel gelijk geven.
Dinsdag 7 oktober staat geboekstaafd als dag van het onderbroekentrauma.
Mensen, het hoeft geen uitleg, u verstaat me wel.
Nuja, dat zorgde ineens al voor genoeg gesprekstof tijdens de ‘pub crawl’.  We zijn van Kneipe tot Kneipe gegaan om uiteindelijk te eindigen in de ‘Limone’.  Onderweg moesten we ook nog het spel ‘Ich habe ein Apfel und ein Ei’ spelen.  Stephanie voelde een klein beetje het kindgevoel opkomen en deed haar uiterste best om betere dingen te bekomen.  En met succes!  Groep 4 heeft gewonnen.  In de afsluitende Kneipe konden we de geldbeutel dichthouden.  Lang leven groep 4.

Woensdag 8 oktober begon wat in mineur.  Vermits je in de namiddag niet echt veel te zoeken hebt in een Kneipe lag ik laat in mijn bed.  En Stephanie om tien uur ‘hat eine Verabredung festgelegt’ met de Sparkasse.  Gelukkig was de klus snel geklaard.  Na mijn kot opgeruimd te hebben ben ik dan naar de Mensa gefiest.  Daar heb ik eindelijk de fameuze Mensakarde bekomen.  Omdat het slecht weer was en iedereen zeer lui of respectievelijk moe was ‘haben wir auch noch einen Kaffee getrunken’. (Jonah ging voor fanta, Jessica en ik hielden het bij een theetje).  Toen was het weer tijd voor de les, weer tijd voor het onderbroekentrauma.

Voor de rest is alles ‘sehr gut hier’.  Dit weekend kom ik eventjes terug naar België.  Als ik dan terug kom zal mijn Mitbewohnerin er ook zijn.  Het kan dus alleen nog maar beter worden!
X Tschüss!!

Stephanie wordt een echte fietsheldin.

oktober 2, 2008

Hallo!

Ik zit hier nu al twee dagen in Münster en ondertussen heb ik al heel wat meegemaakt.
De verwarmingmeneer is omstreeks kwart voor negen gearriveerd.  Vanaf dan is mijn kot een warm en knusse thuis geworden.  Verder heeft hij een demonstratie gegeven van alle electrische apparaten.  Ik ben helemaal niet technisch aangelegd en hm, hij sprak geen Drayeduits, dus het komt er op neer dat ik de werking van de apparten aan de hand van een handleiding zal moeten achterhalen.  Maar ach hij was lief, en hij zorgde voor verwarming.  Hij is en blijft mijn engel.
Na weinig uurtjes slaap (de regen remeber, en oordoppen waren uitgesloten want ik moest en zou mijn wekker horen) stond ik op om voor m’n computer te gaan zitten.  Luttele seconden na half zeven had ik prijs.  Ik was ingeschreven voor de bachelorpaper.  Later zou ik van veel medestudenten horen dat ze zo’n anderhalf uur op hernieuwen hebben moeten duwen. 
Na een verkwikkende douche was ik helemaal klaar om mijn probleem van de dag op te lossen.  De band van de fiets van Marie-Theres (diegene van wie ik het kot onderverhuur) had “eine platte”.  De dichstbijzijnde fiestenmaker mag je toch al snel een paar km verder situeren.  Maar goed, Stephanie is sportief.
Het weer was op dat ogenblik nog niet ideaal dus deed ik veiligheidshalve toch maar een stevige regenjas aan.  Und mit Recht!  Even later zat ik al in een hevige stortregenbui.  Terug in m’n dorpje ben ik wat eten gaan inslaan en daarna ben ik gaan joggen.  Ik kwam al snel tot de conclusie dat het hondengevaar hier mogelijk nog groter is dan in Schiplaken.  Hemeltje!  De mensen houden de leiband in hun hand en hun hond springt en huppelt maar vrolijk in het rond.  Voor de kenners van Gievenbeck: vooral de Hollandstrasse vormt een gevaar.  Tijdens het joggen heb ik wel het natuurreservaat van Gievenbeck ontdekt.  Wunderschön! Voor ik het wist was het namiddag (wat een pc toch allemaal met een mens kan doen) en mocht ik me weer opmaken voor een fikse wandeling. 
Bij het in ontvangstnemen van mijn gerepareerde fiets voelde ik me al wat meer Münsteraan.  Iedereen fietst hier.  Ik voelde me overmoedig en fietste op goed geluk naar het centrum.  Münster is mooi.  Zeer mooi.  Ik ben direct de Dom binnengegaan.  Niet zozeer uit religieuze overwegingen, dan wel omdat dat op het ogenblik de enigste schuilplaats was voor de zoveelste stortregenbui.  Daarna ben ik even wat winkels binnengestapt.  Terug thuisgekomen heb ik wat gegeten en daarna was het tijd voor ‘Informationstreffen’.  Ik vond er niets aan.  Iedereen kende iedereen en ik stond er toch relatief verloren bij. 

Vastbesloten om toch wat aan dat ‘verlorenzijn’ te doen vertrok ik de volgende dag al om kwart na negen  naar mijn Einstufungstest, beter bekend als test C.  Een Lückentest waar echt weinig lettertjes stonden.  En dan volgens het principe, staan er twee letters dan is het woord het dubbele of plus één letter….
De leuvens eer is hooggehouden.  Stephanie zit in groep tien.  Vanmiddag had ik dan mijn eerste les.  Nuja, les is een relatief begrip.  Ik heb een hele uitleg gekregen over het Goethe-instituut en de test die je daar kan gaan afleggen.  Enig probleem is dat dat instituut in Düsseldorf ligt.  Dus is er een alternatief aan de universiteit van Münster.  Allemaal veel werk voor iets wat ik toch niet echt lijk nodig te hebben (we studeren taal en letterkunde duits voor iets e).
Vanavond was het dan Kennlernabend.  Tutorenprogramm.  Ik had nummertje twaalf.  Samen met nog een jongen.  En onze Tutor was een schuchter meisje Nathalie.  Ze overtuigde me niet helemaal.  Dat deden de chips, de zouten stokjes en de gummiebeertje op de tafel wel!  Ik schoof als nel op naar andere tafels.   De avond eindigde relatief vroeg. 
Stephanie is moe maar tevreden. (Twee leuke meisjes wonen bij mij het dorp en het zal niet lang duren vooraleer we een DVD avond organiseren!)

Münster is een fijne stad!  Boe aan de thuisblijvers!

X

Aankomst in Münster

september 30, 2008

Hallo!

Vanmorgen vertrok ik vanuit Schiplaken op Erasmus naar het relatieve dichtbije Münster.
Geen wilde reisverhalen want ik werd met de auto gebracht.
Eens aangekomen en alles netjes op z’n plaats gezet werd internet geprobeerd.  Dat bleek niet te werken.  Ik bespaar jullie de stressvolle uurtjes, maar om half zes kwam alles op zijn pootjes terecht.  Stephanie heeft internet (en binnen een uurtje hopelijk ook een geactiveerd Duits nummer).

Momenteel regent het dat het giet.  Ik zit op een dakappartement dus vrij veel lawaai.  Maar dat is momenteel niet mijn grootste probleem.  Het probleem is dat mijn kotgenoot (Katharina) nog niet op kot is en de verwarming heeft afgezet.  Met andere woorden, ik zit hier haast te bevriezen.  Warmwaterkruikje brengt enige soelaas en de fleece houdt toch ook wat warmte bij.  Maar hoera!  Stephanie heeft een leuke kotgenoot die heel attent een smsje stuurde.  Toen ik een niet al te vrolijk smsje terugstuurde (ouders waren net weg, kamer was een puinhoop, het regende,…) belde ze mij warempel op.  Om me veel succes te wensen, én met de boodschap dat een vriend van haar de verwarming komt opzetten.  Dubbele hoera.  De engel wordt rond acht uur verwacht. 

Meer nieuws volgt later.

Hello world!

september 30, 2008

Welcome to WordPress.com. This is your first post. Edit or delete it and start blogging!


Follow

Get every new post delivered to your Inbox.